%abc-2.2
%%writefields Q false

%%stretchlast 1

 

Modaliteit

Bij tonaliteit denken we aan majeur en mineur. Onder modaliteit verstaan we niet-tonaliteit. Je kunt daarbij onderscheid maken tussen

  1. kerktoonsoorten
  2. bijzonder toonreeksen, die niet volledig chromatisch zijn

Kerktoonsoorten

Vóór ongeveer het jaar 1000 werd in Europa vrijwel uitsluitend éénstemmige muziek gemaakt. Daarbij werd niet gebruik gemaakt van de ons inmiddels bekende toonsoorten, de majeur- en mineurtoonsoorten, maar van de zogenaamde kerktoonsoorten of wel modi (omdat alle bewaard gebleven muziek uit die tijd kerkmuziek is, nl. het Gregoriaans). Deze modi wijken nogal af van de majeur- en mineurtoonsoorten. De kerktoonsoorten hebben het muzikale denken tot na 1600 beheerst, ze komen veel voor in de volksmuziek van de meeste Europese landen, en na ca.1850 is er in de kunstmuziek ook regelmatig gebruik van gemaakt.

In de kerktoonsoorten kun je eveneens bepaalde (modale) functies (vergelijkbaar met de al aan de orde gestelde tonale functies tonica en dominant) aangeven. Daarop gaan we nu niet in.

De kerktoonladders zijn zuiver diatonisch. Ze zijn dus alle te noteren met uitsluitend stamtonen. De Middeleeuwse muziektheorie kende vier modi:

  1. Dorisch: de stamtonenreeks met d als grondtoon;
  2. Phrygisch: de stamtonenreeks met e als grondtoon;
  3. Lydisch: de stamtonenreeks met f als grondtoon;
  4. Mixolydisch: de stamtonenreeks met g als grondtoon.

De dorische toonsoort is het meest gebruikt.

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
"Dorisch"D E F G A B c d ||
"Phrygisch"E F G A B c d e ||
"Lydisch"F G A B c d e f ||
"Mixolydisch"G A B c d e f g ||

 

Elke kerktoonsoort heeft een karakteristiek interval, d.w.z. een interval dat voor onze majeur- en mineur-oren bijzonder klinkt. Deze zijn: dorische sext d-b (grote sext), phrygische secunde e-f (kleine secunde), lydische kwart f-b (overmatige kwart) en de mixolydische septime f-g (kleine septiem). Hieronder de 4 kerktoonsoorten.

Al gauw werden "alteraties" toegepast. Zo werd de overmatige, lydische kwart al vervangen door een reine kwart. De overmatige kwart werd immers als een onzingbaar, duivels interval beschouwd ("diabolus in musica").

 

Aan de 4 kerktoonsoorten werden in de 16e eeuw ook de toonladders op c en op a in het systeem opgenomen. De stamtonenreeks op c werd lonisch genoemd en op a Aeolisch.

Bijzondere toonreeksen

De chromatische toonladder is een toonreeks die alle mogelijke chromatische halve toonsafstanden toepast op de diatonische stamtonentoonladder. Andere toonvoorraden kunnen ontstaan door toevoeging van enkele chromatische halve toonsafstanden op de stamtonenreeks, maar ook door selectie van een kleine groep tonen uit die reeks.

 

Een paar voorbeelden:

1. Zigeunertoonladder
Uit de Balkanmuziek en de Baskische muziek zijn de twee vormen van de Zigeuner toonladder afkomstig. Deze toonladder twee zeer karakteristieke overmatige secundes.
De rechter toonladder heet ook wel de Mineur-zigeuner toonladder genoemd omdat deze een kleine terts boven de grondtoon heeft. Je kunt deze Balkan-zigeunertoonladder opvatten als harmonisch mineur met verhoogde 4e toon.
De Baskische vorm - de linker toonladder - wordt ook wel Majeur-zigeuner toonladder genoemd vanwege de grote terts boven de grondtoon. Je kunt deze Balkan-zigeunertoonladder opvatten als een majeur toonladder met verlaagde 2e en 6e toon).

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
A, _B, "x"x ^C D E F "x"x ^G A || A, B, C "x"x ^D E F "x"x ^G A || 

 

2. Hele toonsladder

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
C x D x E x ^F x ^G x ^A "enharmonisch"x _B x c

 

De heletoonsladder speelt een belangrijke rol in composities van Debussy (impressionisme).

3. Octotonische toonladder

De octotonische toonladder (octo = acht, Latijn) wordt gekenmerkt door een regelmatige afwisseling van hele en halve toonsafstanden.

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
C x D x _E x F x ^F  x ^G x A x B x c ||
C x _D x _E x =E x ^F  x G x A x _B x c ||

 

Octotonische ladders komen veel voor in composities van Bartòk, Messiaen, Fr. Martin en in de jazz.

4. Moll-dur toonladder
Moll-dur toonladder is een majeur toonladder met verlaagde 6e toon

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
D x E x ^F x G x _B x ^c x d

 

5. Pentatonische toonladder

  • de ladder bevat vijf tonen (penta = vijf, Latijn).,
  • tussen de opeenvolgende tonen zijn er slechts twee intervallen mogelijk: 2 + en 3 – (pentatonische ladders hebben dus geen leidtoon).
De twee meest bekende varianten zijn:

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
G A B d e g ||
C D F G A c

 

De tonenvoorraad van deze ladder correspondeert met een stapeling van vijf kwinten c-g-a-d-e. Gerangschikt in toonladderopeenvolging is dat: c-d-e-g-a.

Pentatoniek treft men aan in volks- en kunstmuziek van over de gehele wereld. Het is een zeer oud idioom dat bij componisten uit de twintigste eeuw weer sterk in de belangstelling is komen te staan.

6. Individuele varianten op bestaande reeksen
Hieronder 2 voorbeelden van eigen reeksen van Bartok, die varianten op de dorische modus zijn.

 

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
G A _B c d _e =e f g ||
G A _B =B c d _e =e f g ||

 

7. Individuele reeksen
Hieronder 2 voorbeelden van eigen reeksen van Messiaen.

 

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
"4 groepen van 3 tonen: 1/2 + 1"C _D _E =E ^F G A _B c
"3 groepen van 4 tonen: 1 + 1/2 + 1/2"C D _E =E ^F G _A _B =B c

 

Andere voorbeelden van modaliteit vind je onder Muziekschrijven, semester 3.

 

Transponeerbaarheid van toonladders

We onderscheiden toonladders met een regelmatige bouw en toonladders met een onregelmatige bouw. Regelmatig gebouwde toonladders zijn niet of beperkt transponeerbaar. Dit betreft:
  • de heletoonsladder,
  • de octotonische ladder,
  • de chromatische ladder.

Alle overige toonladders hebben een onregelmatige bouw. Zij kunnen daardoor onbeperkt naar alle twaalf toonhoogtes worden getransponeerd zonder in precies dezelfde toonvoorraad van een soortgelijke ladder te vervallen.