%abc-2.2
%%writefields Q false

%%stretchlast 1

 

1.2 Omkering van intervallen.

Er zijn twee methoden om een interval om te keren:

  1. verhoog de laagste toon van een interval een octaaf
  2. verlaag de hoogste toon van een interval een octaaf

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
[DG] [Gd] || [ce] [Ec] ||

 

Interval en omkering zijn complementair: het interval vormt met zijn omkering steeds een rein octaaf.  Hieruit zijn de volgende regelmatigheden op te stellen:

R I
Omkering prime = octaaf en vice versa
Omkering secunde = septiem en vice versa
Omkering terts = sext en vice versa
Omkering kwart = quint en vice versa

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
"prime"[CC] "octaaf"[Cc] | "secunde"[CD] "septiem"[Dc] | "terts"[CE] "sext"[Ec] | "kwart"[CF] "kwint"[Fc] | "kwint"[CG] "kwart"[Gc] | "sext"[CA] "terts"[Ac] | "septiem"[CB] "secunde"[Bc] ||

 

R II

 

Omkering rein interval = rein interval
Omkering groot interval = klein interval en vice versa
Omkering overmatig interval = verminderd interval en vice versa

Voorbeelden:

omkering reine kwint = reine kwart en vice versa
omkering grote secunde = klein septiem en vice versa
omkering overmatige kwart = verminderde kwint en vice versa

Het voorgaande notenvoorbeeld kan dus informatiever:

 

X:1
%T:
M:none
L:1/1
%%MIDI program 79
Q:1/1=72
K:C clef=treble
"r1"[CC] "r8"[Cc] | "g2"[CD] "k7"[Dc] | "g3"[CE] "k6"[Ec] | "r4"[CF] "r5"[Fc] | "r5"[CG] "r4"[Gc] | "g6"[CA] "k3"[Ac] | "g7"[CB] "k2"[Bc] ||

 

Het zal duidelijk zijn: r staat voor rein, g voor groot en k voor klein, 1 voor prime, 2 voor secunde, 3 voor terts etc.